Menu Sluiten

Elvis Costello 

Elvis Costello als een optische illusie

Bootleg van Elvis Costello & The Attractions, concert 1986-11-23 Royalty Theatre, Londen.

Na vier decennia en vijftien nominaties kreeg Elvis Costello eindelijk een Grammy, voor zijn laatste album Look Now. Kan die erkenning hem uit zijn zelf gecreëerde moeras van twijfels trekken?

Rob Velthuis

Toen Declan Patrick McManus voor het eerst als kind met de band van zijn vader op het podium stond, speelde hij uit angst de show te verprutsen gitaar met dichtgedraaide volumeknop. “Vrijwel alles wat hierop volgde, is een vergelijkbare optische illusie geweest”, concludeerde hij in 2015 als Elvis Costello in zijn autobiografie vol zelfkritiek.

Drie jaar later bevestigde hij aan de vooravond van een Europese tour die mening in het Belgische blad Humo: “Eigenlijk ben ik nog altijd dat onzekere jongetje dat op zoek is naar bevestiging”. Dat hij dat toen deed met risico voor zijn gezondheid, hield hij onder de pet.

In datzelfde interview zei Costello zich destijds een stuk jonger te voelen dan tien jaar eerder. Hij ging alleen nog voor gelukkige momenten omdat hij in de voorgaande veertig jaar te veel tegen zijn zin had gedaan. De tour op prachtige openluchtlocaties, waar hij opvallend slecht bij stem was, brak hij na het concert in de tuinen van paleis Soestdijk af. Hij bleek onvoldoende hersteld van een operatie waarbij een agressieve tumor werd verwijderd.

Kanker, album, Grammy

Op de kop af drie maanden nadat Costello wereldkundig had gemaakt dat een kwaadaardig kankergezwel met succes bij hem was verwijderd, kwam op 27 juli 2018 Look Now uit. Dat was acht jaar na zijn laatste volledig zelfgeschreven soloalbum National Ransom. Deze week kreeg hij voor Look Now zijn eerste Grammy Award voor een van zijn albums.

Dat gebeurde pas na vijftien nominaties, waarvan de eerste in 1978 voor beste nieuwe artiest. Nominaties voor zijn platen waren er voor Mighty Like A Rose (1991), Cruel Smile (2002), When I Was Cruel (2002), The Delivery Man (2004, The River In Reverse (2006, Secret, Profane & Sugarcane (2009)en Unfaithful Music & Disappearing Ink (2016).

Productief

Costello is met ruim 40 albums, al dan niet samen met anderen gemaakt, sinds 1977 een van de productiefste Britse artiesten en wordt beschouwd als een van de invloedrijkste liedjesschrijvers van zijn generatie. Daarbij betreedt hij een breed scala aan muziekstromen: punk, new wave, country, folk, jazz, pop, rhythm-and-blues, rap, opera en klassiek.

Alom wordt hij geëerd. In 2003 werd Costello met zijn eerste en inmiddels opgeheven band the Attractions bijgezet in de Rock and Roll Hall of Fame. In 2008 kreeg de Brit een eredoctoraat van de universiteit van Liverpool, de stad waar hij opgroeide. En voor wat het waard is: in 2004 zette het blad Rolling Stone hem op nummer tachtig in de lijst van honderd grootste artiesten aller tijden.

Desondanks blijft hij een twijfelaar over zijn eigen status. Is hij met zijn uiterlijk niet ver verwijderd van wat tegenwoordig de X-factor heet, zo vraagt hij zich af. Costello had aanvankelijk niet eens de ambitie om met zijn muziek op te treden. Hij spiegelt zich nog altijd liefst aan de grote liedjesschrijvers.

Samenwerking

Als die bewonderaar van andere grootheden kan hij zijn eigen werk moeilijk op waarde schatten. In zijn autobiografie Unfaithful Music & Disappearing Ink vertelt hij, gretig als een jongen in een speelgoedwinkel, over zijn samenwerking met onder anderen Paul McCartney, Bob Dylan, Johnny Cash, Joni Mitchell, Burt Bacharach en vooral Allen Toussaint.

Met die rhythm-and-blues zanger en pianist uit New Orleans maakte hij na de orkaan Katrina de plaat River in Reverse (2006). Dat hij de teruggetrokken Amerikaan aan het toeren kreeg en daarmee de wereld in direct contact bracht met Toussaints muziek, zag Costello als zijn grootste verdienste.

Veel eerder, in 1998 schuwde de voormalige vertolker van punk en new wave de zwijmelliedjes niet in zijn samenwerking met Burt Bacharach die het album Painted from Memory opleverde. En het lied I Still Have That Other Girl, dat een Grammy opleverde voor beste vocale popsamenwerking.

Veel eerder, in 1998 schuwde de voormalige vertolker van punk en new wave de zwijmelliedjes niet in zijn samenwerking met Burt Bacharach. Die leverde het album Painted from Memory op.

En natuurlijk het lied I Still Have That Other Girl, dat een Grammy opleverde voor beste vocale pop samenwerking.

Veelzijdigheid

Het kenmerkt zijn veelzijdigheid, die alle kanten op schiet. Hij nam in 2001 een plaat vol popsongs op met de door hem bewonderde Zweedse operazangeres Anne Sofie von Otter. Twaalf jaar later volgde een album met rapband The Roots.

En ook Bob Dylan komt langs, al hield de Nobelprijswinnaar zich zelf afzijdig van Costello’s project uit 2014: Lost On the River: The New Basement Tapes. Samen met Jim James, Marcus Mumford, Taylor Goldsmith en Rhiannon Giddens vormde hij de supergroep The New Basement Tapes, verwijzend naar de befaamde kelderopnames van Bob Dylan en The Band uit 1967. Uit die periode waren onbekende, handgeschreven liedteksten opgedoken die met toestemming van Dylan door de groep werden bewerkt en opgenomen. De plaat verscheen samen met de Showtime documentairefilm Lost Songs: The Basement Tapes Continued.

Portretten

In het jaar dat Costello door zijn bedreigende ziekte werd getroffen, werkt hij ook aan een musical gebaseerd op de film A face in the Crowd uit 1957. Voor zijn fans is echter belangrijker dat hij tevens zijn scherpe pen weer opnam voor het album Look Now, met daarop weer portretten van klein menselijk leed die hij plaatst in het grote maatschappelijke geheel. Zoals het nummer I Let The Sun Go Down, over een persoon die treurt over de afbrokkeling van het eens zo machtige Britse imperium.

Elvis Costello & The Imposters – officiële uitgave I Let The Sun Go Down (Audio).

Van de suggestie dat hij protestsongs schrijft, wil Costello niet weten. Hij lijkt daarin zijn grote voorbeeld Bob Dylan te volgen. In de Volkskrant zei hij in oktober 2018 over de status van protestliederen: “Ze zijn te expliciet en daardoor te beperkt. Ik bedoel, waarom zou je een lied willen schrijven dat alleen maar verwijst naar de krant van gisteren? Waarom zou je geen lied willen schrijven met eeuwigheidswaarde?”

Liedpersonages

“Ik probeer me altijd meer te verdiepen in liedpersonages. Door te proberen hun opvattingen te begrijpen, ook al staan die mijlen ver van me af, kan ik iets wezenlijks zeggen over menselijk gedrag dat een protestlied overstijgt.” Daardoor, én door zich niet vast te pinnen op feiten en data, kan het verhaal dat hij vertelt persoonlijk én universeel zijn.

Niet te ontkennen valt dat Costello zich voor veel van zijn liederen goed verdiept heeft in zijn eigen personage. In zijn cryptische, niet altijd even toegankelijke teksten laat hij graag zien “wat voor zooitje ik van mijn leven heb gemaakt”.

Die teksten begint hij vaak te schrijven in de ik-vorm, om in de definitieve versie met ‘hij’ of ‘zij’ afstand te hebben geschapen tot zijn cynische zelfspot. Teksten en muziek komen tegelijkertijd met hoge snelheid bij hem ‘binnenglijden’. Maar de gitarist en pianist kan een fraaie zin ook van het ene notitieblok naar het andere overhevelen, om er decennia later pas de juiste plaats voor te vinden.

Ontsporingen

Zijn in 2011 overleden vader Ross McManus, zanger en trompettist van Ierse oorsprong, was in alles zijn voorbeeld: in de muziek, en in zijn ontsporingen met drank, drugs en buitenechtelijk relaties. Die waren ook voor de vluchtende Elvis Costello (combinatie van Elvis Presley en de achternaam van zijn moeder) zijn tijdelijke toevluchtsoord. Als Declan McManus, zoals hij privé liefst wordt genoemd, was het een periode om met schaamte op terug te kijken.

“Was ik doelbewust mijn leven aan het verkloten om mezelf iets te geven om over te schrijven? Ik denk dat ik dat ongeveer een jaar heb gedaan. Hooguit. Toen begon ik de resultaten te wantrouwen.”

In de jaren zeventig en tachtig werd hij van computerprogrammeur een sensatie als muzikant in de pubrockscene in Londen. Hij produceerde hooggekwalificeerde albums waarop agressieve punk en new wave met ongewoon inhoudsvolle teksten werd gecombineerd.

Door zijn sterrenstatus werd hij “opgezogen door de stofzuiger van het amusement”, een situatie die hij niet onder controle had. Hij werd afstandelijk en arrogant om zijn onzekerheid te verbergen. “Mijn grootste doel in het leven is om irritant te worden gevonden”, zei hij eens.

Vertraging

Een Amerikaanse doorbraak liep er grote vertraging door op. Tijdens een Amerikaanse tour in 1979 sloeg hij in dronken toestand racistische taal uit over Ray Charles, waarop een vechtpartij ontstond met leden uit de entourage van Stephen Stills. De vertraging van die doorbraak opende zijn ogen, het was zijn “redding van het pathetisch leven”.

Costello vestigde zich in Amerika, waar hij een graag geziene gast is in talkshows. Hij heeft rust gevonden in zijn derde huwelijk, met jazzzangeres en pianiste Diana Krall, waaruit in 2006 een tweeling werd geboren. En ondanks zijn 65 levensjaren wijst niets op een naderend pensioen. Deze week begon in Liverpool een tour door Groot-Brittannië.

Elvis Costello – Lost on the River van de The New Basement Tapes.
Geplaatst inBiografieën

Related Posts

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *